Veelgestelde vragen

Eerst Verantwoordelijke Verzorgende

  • Is de EVV-opleiding ook toegankelijk voor deelnemers met een opleiding MBO Verpleegkunde?
    In het kwalificatieprofiel wordt bij 'instroomeisen' aangegeven:
    • 'De kwalificatie Verzorgende/Verzorgende-IG (niveau 3) of een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau;
    • Werkzaam als Verzorgende.
    Het uitgangspunt is dat alleen personen die werkzaam zijn als Verzorgende en aantoonbaar over alle competenties van een opgeleide Verzorgende niveau 3 beschikken, kunnen instromen in de EVV-opleiding en het door de branche erkende EVV-diploma kunnen verkrijgen. Met 'een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau' worden personen bedoeld die niet de huidige opleiding Verzorgende niveau 3 hebben gedaan. Zij hebben zich al dan niet door middel van doorscholing de betreffende competenties eigen gemaakt.
    Medewerkers met een diploma MBO Verpleegkunde niveau 4 werkzaam in een verpleeghuis, verzorgingshuis en/of thuiszorg, kunnen nu ook aan de EVV-opleiding deelnemen en ontvangen een branche erkend diploma Eerst Verantwoordelijke Verzorgende en een speld na het succesvol afsluiten van de opleiding.
  • Is de EVV-opleiding ook toegankelijk voor: 1 Helpenden, 2 Activiteitenbegeleiders/Sociaal Pedagogisch Werkers of 3 Thuiszorgmedewerkers die niet over het reguliere niveau 3-diploma Verzorgende beschikken?
    In het kwalificatieprofiel wordt bij 'instroomeisen' aangegeven:
    'De kwalificatie Verzorgende (niveau 3) of een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau; werkzaam als Verzorgende.'
    Het uitgangspunt is dat alleen personen werkzaam als Verzorgende en aantoonbaar over alle competenties van een opgeleide Verzorgende niveau 3 beschikken, kunnen instromen in de EVV-opleiding en het door de branche-erkende EVV-diploma kunnen verkrijgen. Met 'een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau' worden personen bedoeld die niet de huidige Verzorgende opleiding niveau 3 hebben gedaan. Zij hebben zich al dan niet door middel van doorscholing de betreffende competenties eigen gemaakt. Bijvoorbeeld de oude opleiding tot Bejaardenverzorgende met applicaties.
    Wat als bijvoorbeeld de Helpende in de werkpraktijk wel alle Verzorgende-competenties heeft verworven en hiervoor ook wordt ingezet? Het is altijd wenselijk om in de werkpraktijk en/of door middel van nascholing verworven competenties te 'verzilveren'. Deze medewerker kan eerst (via een procedure Erkenning van Verworven Competenties) het niveau 3-diploma behalen. Pas daarna kan de medewerker de EVV-opleiding volgen. Overigens is wel denkbaar dat de EVV-opleiding wordt gedaan voordat het niveau 3 met een officieel niveau 3-diploma wordt 'verzilverd'. Zo'n cursist krijgt een bewijs van deelname voor de EVV-opleiding, maar kan dit bewijs alsnog laten omzetten in het branche-erkende diploma EVV als wordt aangetoond dat het nvieau 3-diploma is verworven.
    Anders ligt het voor medewerkers zonder 'breed' diploma niveau 3 uit de thuiszorg en voor Sociaal Pedagogisch Werkers. Zij kunnen wel aan de opleiding deelnemen, maar mogen geen branche-erkend diploma en speld ontvangen. Zij ontwikkelen zich tijdens de opleiding tot een functionaris, die in het werkveld wellicht Eerst Verantwoordelijk Begeleider of Eerst Verantwoordelijk Verzorgende Thuiszorg wordt genoemd. Dit gebeurt dan echter buiten de kaders van de door de branche Verpleeg-, Verzorgingshuizen en Thuiszorg erkende EVV-opleiding.
  • Is de opleiding toegankelijk voor medewerkers die de functiegerichte opleiding Verzorgende C/D hebben afgerond en werkzaam zijn in de thuiszorg?
    In het kwalificatieprofiel wordt bij 'instroomeisen' aangegeven:
    'De kwalificatie Verzorgende (niveau 3) of een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau; werkzaam als Verzorgende.'

    Met 'een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau' worden ook personen bedoeld die de functiegerichte opleiding tot Verzorgende C en/of D hebben gedaan en werkzaam zijn als Verzorgende in de thuiszorg.
  • Geeft een EVV-diploma recht op vrijstellingen?
    Het EVV-profiel van 2009 is vergeleken met het kwalificatiedossier mbo Verpleegkunde en Maatschappelijke zorg op niveau 4. Uit deze vergelijking blijkt dat het geactualiseerde EVV-profiel opleidt tot niveau 3+. Voor (delen van) opleidingen op niveau 4 kunnen echter geen vrijstellingen worden gegeven. Wel kan de EVV-opgeleide na een EVC-procedure in aanmerking komen voor studieduurverkorting voor enkele opleidingen op nvieau 4.
    Voor de onderbouwing van het niveau van de opleiding kunt u lezen in het Servicedocument branche-erkende opleiding EVV.

    Klik hier voor bjilage
     
  • Hoe wordt de opbouw van de opleidingsduur vormgegeven? Wat verstaat de branche onder contacturen?

    In het profiel is vermeld: 'De gemiddelde opleidingsduur bedraagt in een werken/leren traject (beroeps begeleidende leerweg) 30 tot 40 weken, waarin voor theoretische onderbouwing 15 tot 20 dagen nodig zullen zijn.'

    De beoordeling van de opleidingsduur voor de theoretische onderbouwing wordt als volgt geïnterpreteerd in de erkenningsprocedure:
    Minimaal 15 dagen voor de theoretische onderbouwing: dit wordt bij de erkenning gelezen als 15x 6 contacturen = 90 uur (klokuren). Indien bijvoorbeeld bij incompany uitvoering ervoor wordt gekozen om met cursisten twee dagen inclusief een avonddeel te realiseren, dan zou het aantal dagen minder kunnen zijn.

    Van contacturen is sprake:

    • Op alle momenten waarin sprake is van direct contact tussen cursisten en cursusleiding;
    • Op alle momenten waarin een cursist zich in een voorgestructureerde intervisiesituatie bevindt;
    • Individuele begeleidingsmomenten (via telefoon, mail of in direct contact, in de werkpraktijk of gekoppeld aan een opdracht) worden ook als contacturen beschouwd. Dit alleen als een beperkt deel van de theorie in de EVV-opleiding uit dit soort contacturen bestaat.

    Uren voor beoordeling/examinering vallen hier buiten.

  • Kan een afdeling voor dagbehandeling of de thuiszorg ook de plek zijn waar de EVV in opleiding werkzaam is?

    In de erkenningsregeling voor de branche-erkende opleiding EVV staat vermeld, dat de opleidingsorganisatie alleen met voor de opleiding EVV geschikte leerbedrijven mag samenwerken. Meer specifiek zijn de gesteld eisen:

    • Het leerbedrijf heeft een SBB-erkenning voor de opleiding Verzorgende niveau 3;
    • De kerntaken, genoemd in het kwalificatieprofiel EVV, moeten uitgevoerd kunnen worden;
    • De begeleiding is professioneel en beschikt over voldoende competenties als praktijkopleider en vakinhoudelijk.

    Het kan zijn dat niet alle kerntaken worden geoefend in deze situaties. Daarvoor moet een andere oplossing worden gezocht.  

  • Kunnen er deelcertificaten voor de EVV-opleiding worden uitgereikt
    Een opleidingsinstituut kan ervoor kiezen de EVV-opleiding aan te bieden in blokken, waarvoor deelcertificaten worden verstrekt. Deze hebben dan alleen waarde binnen het opleidingstraject zelf. Er is geen landelijke erkenning van deze deelcertificaten gezien de omvang en duur van de opleiding.
  • Kunnen voor de EVV-opleiding vrijstellingen worden toegekend?
    De in het profiel vermelde opleidingsduur is een richtlijn die moet worden gezien als behorend bij een basisprogramma EVV. Met behulp van een vrijstellingen-procedure kan dit basisprogramma worden omgevormd tot een (verkort) bij de individuele cursist passend leertraject. Om voor erkenning in aanmerking te komen, moet deze vrijstellingen-procedure zorgvuldig worden beschreven en toegepast.
  • Mag alleen iemand die de branche erkende EVV-opleiding heeft doorlopen zich EVV noemen?
    Toen het EVV-project startte, sloot ze juist aan bij de onwtikkelingen rond de EVV-functie in het werkveld. Er waren met andere woorden al EVV's voordat het project startte. De titel 'branche-erkende EVV' is voorbehouden aan díe EVV's die de branche-erkende opleiding hebben doorlopen.
    Overigens kunnen niet-branche-erkende EVV's het branche-erkende diploma alsnog halen via een EVC-procedure (Erkenning van Verworven Competenties). In de afgelopen jaren hebben instellingen in de branche Verpleeg-, Verzorgingshuizen en Thuiszorg kenbaar gemaakt blij te zijn met de door de branche erkende EVV-opleiding. Bij het aannemen van een medewerker met zo'n erkend diploma is meer houvast over wat deze medewerker tijdens zijn of haar opleiding heeft geleerd.
  • Wat is de bewaartermijn van de uitgegeven branche erkende diploma’s?
    Er is geen officiële bewaartermijn vastgesteld voor de branche erkende certificaten. In het MBO geldt een bewaartermijn van 25 jaar, hier wordt echter geen toezicht op gehouden. Er is op dit moment geen wettelijke bewaartermijn.
    Wij adviseren medewerkers hun certificaten zorgvuldig te bewaren en opleidingsorganisaties om de certificaten op te nemen in een (digitaal) archief en een bewaartermijn aan te houden die raakt aan die van het MBO onderwijs.
    Klik hier om naar de website van de Onderwijsinspectie te gaan voor meer informatie.
  • Wat krijg ik nu: een EVV-certificaat of een EVV-diploma?
    Het staat het erkende opleidingsinstituut vrij om een certificaat of diploma te verstrekken aan cursisten die met goed gevolg de EVV-opleiding hebben doorlopen. De enige eis die aan het branche-erkende certificaat of diploma is verbonden, is dat de instituten het keurmerk 'Branche-Erkende EVV-opleiding' op zo'n certificaat of diploma moeten plaatsen. Zij mogen zo'n certificaat of diploma met het keurmerk alleen verstrekken in geval
    1. de cursist aan de gestelde instroomvoorwaarden voldoet;
    2. het programma is uitgevoerd op basis van de verkregen erkenning;
    3. de cursist een positief resultaat behaalt op de toetsen.
    Veel cursisten vinden de term 'diploma'  beter passen bij de branche-erkende EVV-opleiding dan de term 'certificaat'. Zij vinden dat een opleiding met de duur en de zwaarte van de EVV-opleiding beloond moet worden met een 'diploma'. Aan de erkende opleidingsinstituten wordt in dat verband wel geadviseerd om waar mogelijk een branche-erkend EVV-diploma en niet een EVV-certificaat uit te reiken. Maar het gebruik van de term diploma is door de erkenningsorganisaties niet als erkenningseis gesteld.

Gespecialiseerd Verzorgende Psychogeriatrie

  • Welke vooropleiding erkend de branche om na het doorlopen van de branche erkende GVP opleiding in aanmerking te komen voor het diploma?
    De branche erkend alleen de instroomeis van een verzorgende IG diploma.Deelnemers met een diploma MBO-IW of SPW4 activiteitenbegeleider komen niet in aanmerking voor een branche erkend diploma. 
  • Deelnemers met een SPW of vergelijkbaar diploma én bewijzen van bijscholingen op het gebied van verzorgende competenties mogen die in aanmerking komen voor een branche erkende diploma?
    Toelatingseis is verzorgende IG MBO 3. Als een deelnemer een andere opleiding heeft op MBO 3 niveau kan zij/hij wel meedoen aan de opleiding, maar ontvangt geen branche erkend diploma.

    Voor medewerkers met veel ervaring kan een EVC traject voor verzorgende een oplossing zijn. De kandidaat toont dan aan dat hij/zij competent is voor de standaard verzorgende IG. Het ervaringscertificaat wordt dan verzilverd en de kandidaat kan doorstromen naar een branche opleiding.
  • Is de GVP-opleiding ook toegankelijk voor deelnemers met een opleiding MBO Verpleegkunde?
    In het kwalificatieprofiel wordt bij 'instroomeisen' aangegeven:'De kwalificatie Verzorgende/Verzorgende-IG (niveau 3)of een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau (bijvoorbeeld functiegerichte opleiding in de thuiszorg Verzorgende C/D);
    Werkzaam als Verzorgende, met minimaal een jaar ervaring in de zorg voor psychogeriatrische cliënten.'Het uitgangspunt is dat alleen personen die werkzaam zijn als Verzorgende en aantoonbaar over alle competenties van een opgeleide Verzorgende niveau 3 beschikken, kunnen instromen in de GVP-opleiding en het door de branche erkende GVP-diploma kunnen verkrijgen. Met 'een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau' worden personen bedoeld die niet de huidige opleiding Verzorgende niveau 3 hebben gedaan. Zij hebben zich al dan niet door middel van doorscholing de betreffende competenties eigen gemaakt.Medewerkers met een diploma MBO Verpleegkunde niveau 4 werkzaam in de zorg voor psychogeriatrische cliënten en met minimaal één jaar ervaring, kunnen nu ook aan de GVP-opleiding deelnemen en ontvangen een branche-erkend diploma en speld na het succesvol afsluiten van de opleiding.
  • Is de GVP-opleiding ook toegankelijk voor deelnemers met een opleiding Medewerker Maatschappelijke Zorg (MMZ) of Sociaal Pedagogisch Werker (SPW)?
    In het kwalificatieprofiel wordt bij 'instroomeisen' aangegeven:'De kawlificatie Verzorgende/Verzorgende-IG (niveau 3) of een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau (bijvoorbeeld functiegerichte opleiding in de thuiszorg Verzorgende C/D);
    Werkzaam als Verzorgende, met minimaal een jaar ervaring in de zorg voor psychogeriatrische cliënten.'Het uitgangspunt is dat alleen personen die werkzaam zijn als Verzorgende en aantoonbaar over alle competenties van een opgeleide Verzorgende niveau 3 beschikken, kunnen instromen in de GVP-opleiding en het door de branche erkende GVP-diploma kunnen verkrijgen. Met 'een daarmee vergelijkbaar opleidingsniveau' worden personen bedoeld die niet de huidige Verzorgende opleiding niveau 3 hebben gedaan. Zij hebben zich al dan niet door middel van doorscholing de betreffende competenties eigen gemaakt.

    Medewerkers met een diploma MMZ of SPW niveau 3 kunnen wel aan de opleiding deelnemen, maar mogen geen branche-erkend diploma en speld ontvangen. Zij ontwikkelen zich tijdens de opleiding tot een functionaris, di in het werkveld wellicht Gespecialiseerd Begeleider Psychogeriatrie wordt genoemd. Dit gebeurt dan echter buiten de kaders van de door de branche Verpleeg-, Verzorgingshuizen en Thuiszorg erkende GVP-opleiding.
  • Welk niveau hebben de verschillende opleidingen in de zorg en hoe beoordeel je of een deelnemers voldoen aan de gevraagde instroomeis voor de branche erkende opleiding?
    Om het diploma GVP te ontvangen, moeten deelnemers een verzorgende (IG) opleiding -niveau 3-  hebben of een functiegerichte thuiszorgopleiding op niveau C of D.Bij de aanmeldingen voor GVP opleidingen komen opleiders soms diploma’s tegen waarvan zij zich afvragen of deze wel voldoen aan die eis. Met name de “ouderwetse” benamingen kunnen twijfels oproepen. Onderstaand een aantal diploma’s met de niveau waardering zoals gehanteerd door SBB (landelijk kenniscentrum, Calibris, kenniscentrum voor Zorg, welzijn en sport, valt daar nu ook onder).
    • MDGO-Verpleging is vergelijkbaar met verpleegkundige niveau 4
    • MBO-Inrichtingswerk is de voorloper van de MMZ, vaak richting gehandicaptenzorg
    • Zwakzinnigenzorg is een oude in service opleiding op niveau 4, gericht op de zwakzinnigenzorg (nu ook gehandicaptenzorg)
    • Opleiding Ziekenverzorging is de voorloper van de verzorgende IG, niveau 3
    • MDGO-Verzorging is een niveau 2/3 opleiding
    • Z-Verpleegkunde verpleegkundige opleiding voor de zwakzinnigenzorg, niveau 4
    • SPW-4 sociaal pedagogisch werk, vergelijkbaar met activiteitenbegeleiding
    Voor meer diploma vergelijkingen kunt u terecht op de website van SBB.

VVT opleidingen

  • Wat gebeurt er met de erkenning bij fusie van een opleidingsinstituut?
    In principe mag de erkenning door opleidingsinstituten worden meegenomen naar de nieuwe situatie. Dit kan echter alleen in geval wordt aangetoond dat de nieuwe situatie ten opzichte van de oude niet veel verandert. De erkenning is afgegeven op basis van een aangetroffen opleidingssituatie, het programma, de toetsen en het gevoerde kwaliteitsbeleid. Er moet worden vastgesteld of ook de nieuwe situatie aan deze eisen voldoet. In dit verband wordt de volgende procedure gevolgd:
    • Het fuserende erkende opleidingsinstituut meldt de fusie bij het CZO;
    • CZO zoekt contact en stelt vragen over de nieuwe situatie;
    • Op basis van een overeenkomst wordt een audit op locatie gepland. Gedurende deze audit zal aan de hand van de opleidingsdocumenten besproken worden of aan alle criteria van de erkenningsregeling kan worden voldaan. 
    Ook wordt soms gevraagd of de erkenning overdraagbaar is aan een ander (niet-erkend) opleidingsinstituut, waarmee het erkende opleidingsinstituut een samenwerkingsovereenkomst heeft. Dit kan niet c.q. alleen in een situatie waarbij het niet-erkende instituut als onderaannemer van het erkende instituut optreedt. Ook hier geldt de eis dat CZO het recht behoudt te onderzoeken of de uitvoeringssituatie nog aan dezelfde eisen voldoet als de situatie waarin de erkenning is afgegeven.
  • Wat wordt er beoordeeld bij de VVT-opleiding (EVV, GVP, GRZ en functiegerichte thuiszorg opleidingen)?
    Bij de opleidingen die vallen onder de VVT, wordt alleen de opleiding bij het opleidingsinstituut beoordeeld en niet het praktijkgedeelte van de opleiding bij de zorginstelling. 

Verzorgende Geriatrische Revalidatiezorg

  • Zijn er al erkende opleidingsinstituten voor de opleiding verzorgende Geriatrische Revalidatiezorg?
    De opleiding verzorgende Geriatrische Revalidatiezorg is sinds 1 maart toegevoegd aan de branche erkende opleidingen. Op dit moment zijn er nog geen erkende opleidingsinstituten. Wanneer er een erkenning is afgegeven voor deze opleiding vindt u het betreffende opleidingsinstituut onder het tabblad erkende opleidingsinstituten.